De ene keer zit je weken, wat zeg ik, maanden duimen te draaien en verlangend naar de einder te turen in de hoop de contouren van een onwachtse maar prettige, leuke, aangename, etc. wending in je bestaan waar te nemen en de andere keer vliegen ze je van (bijna) alle kanten om de oren. Hollen of stilstaan. Eerlijk gezegd heb ik daar toch zo'n pokkehekel aan, daar schieten zelfs mij de woorden tekort. Niet aan dat het gebeurd natuurlijk. Daar heb je lang genoeg op zitten wachten, maar dat het niet een beetje leuk verdeeld op je mat valt. Voordat je het weet, moet je nog kiezen ook zonder dat de afvallende keuze naar een geschikter moment verwezen kan worden. Ik weet niet of het een punthoofd is of een sik, maar iets krijg ik d'r wel van.
Straks kom ik nieteens meer toe aan wat zou moeten. Dat zou een regelrechte ramp zijn. De handen vol aan al dat leuks en met lede ogen moeten toezien hoe het gras niet gemaaid en de daken niet hersteld worden. Ik zou daar niet mee kunnen leven. Eindelijk een tastbare smoes, een hele smoezenwaaier. Het gaat wel hard met die noodzaak van accepteren en je erbij neerleggen. Straks gaat het Universum nog klagen, dan zijn we helemaal van het padje af. Het is nooit goed en dat is maar goed ook. De jeux-de-mots varen er wel bij.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten